31 juli 2019

Het concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd

In mijn praktijk kom ik het steeds weer tegen. Een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd dat niet gemotiveerd is en dus ongeldig.

Schriftelijke motivering vereist

Al meer dan vier jaar (namelijk vanaf 1 januari 2015) geldt dat bij het concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd schriftelijk gemotiveerd moet worden dat het beding noodzakelijk is vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen voor de werkgever. Dat een concurrentiebeding sowieso schriftelijk moet zijn overeengekomen (met een meerderjarige werknemer) geldt al veel langer.

Hoofdregel: geen concurrentiebeding

De hoofdregel is dat bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geen concurrentiebeding mag worden gesloten. Dat is omdat zo’n werknemer juist vrijelijk moet kunnen omkijken naar een andere baan, ook als dat bij een concurrerend bedrijf is. Anders ondervindt de werknemer die voor bepaalde tijd in dienst is een ‘dubbel nadeel’ ten opzichte van zijn collega’s met een contract voor onbepaalde tijd. Er kan met een concurrentiebeding immers minder makkelijk worden overgestapt naar een andere baan of een eigen bedrijf worden gestart, terwijl aan het begin vast staat dat het contract slechts tijdelijk is.

Het kan trouwens wel zo zijn dat er met een dergelijke werknemer uiteindelijk toch een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat. Dat is in de regel het geval als er meer dan drie, of langer dan twee jaar, tijdelijke arbeidsovereenkomsten zijn gesloten tussen dezelfde werkgever (dan wel diens opvolger) en werknemer.

Vereisten aan de schriftelijke motivering

Terug naar het contract voor bepaalde tijd. Als een werkgever dan toch een concurrentiebeding wil sluiten, zal hij/zij:

  • daarvoor zwaarwegende “bedrijfs- of dienstbelangen” moeten hebben;
  • dat bij het aangaan van het concurrentiebeding (daarna kan dat dus niet meer) deugdelijk schriftelijk moeten motiveren ;
  • deze zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen moeten hebben op zowel het moment dat hij zijn schriftelijke motivatie geeft als op het moment dat hij zich op het beding beroept.

Er gelden strenge eisen voor deze schriftelijke motivering. Het is niet zo dat als er maar een motivering is opgenomen, het concurrentiebeding geldig is. De werkgever moet concreet (en dus niet in het algemeen) aangegeven om welke bedrijfs- of dienstbelangen het gaat en waarom bescherming van deze belangen het concurrentiebeding noodzakelijk maken. De motivering zal ook concreet en voldoende duidelijk moeten zijn gericht op de betreffende werknemer. Verder moet sprake zijn van hele specifieke kennis of bedrijfsinformatie die de werknemer op zal doen, waarbij de werkgever onevenredig wordt benadeeld als de werknemer overstapt naar de concurrent. Hiervoor is een duidelijke afweging en motivering nodig.

Als de werknemer vindt dat er geen sprake (meer) is van bedrijfs- of dienstbelangen die het concurrentiebeding noodzakelijk maken, kan hij/zij dat voorleggen aan de rechter. Het komt dan zeer regelmatig voor dat een concurrentiebeding in een contract voor bepaalde tijd sneuvelt omdat de werkgever niet voldaan heeft aan zijn verzwaarde motiveringsplicht.

Voor bescherming van investeringen die de werkgever wil gaan doen in de opleiding van de werknemer is een concurrentiebeding niet bedoeld. Daarvoor kan bijvoorbeeld een studiekostenbeding of een geheimhoudingbeding worden aangegaan. Dergelijke investeringen kunnen overigens wel meetellen bij het antwoord op de vraag of een rechtsgeldig overeengekomen concurrentiebeding moet worden vernietigd omdat het belang van de werknemer bij zo’n vernietiging opweegt tegen dat van de werkgever bij handhaving daarvan.

Slotsom

De praktijk is weerbarstig. Het minste dat moet gebeuren als een werkgever een concurrentiebeding wil opnemen in het contract voor bepaalde tijd dat hij een (toekomstig) werknemer aanbiedt, is niet alleen om dit schriftelijk te doen maar ook om daarbij een op het geval toegesneden onderbouwing te geven. Het verdient aanbeveling dit vooraf met een jurist die goed thuis is in het arbeidsrecht te bespreken en hem of haar te betrekken bij de opstelling van het beding en de daarin op te nemen motivering.

Heb je vragen met betrekking tot dit artikel of heb je zelf te maken met een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst? Neem dan gerust contact op met Suzan Haasdijk via haasdijk@victoradvocaten.nl (06-82888216) of maak een afspraak via 072 – 528 00 36.

 

 

Deel: